Inleiding Geschiedenis Onderzoek Locatie Contact

De namen van de Joodse mannen in Twilhaar

September 2021 | door Alex Alferink en Jan Fikken

Vrijdagmiddag 10 juli 1942 arriveren 83 Joodse mannen uit Groningen in Rijkswerkkamp Twilhaar. Deze groep wordt de weken daaropvolgend aangevuld met individuele plaatsingen van mannen uit onder meer Amsterdam, Tilburg en Oss. Het kamp heeft plek voor 96 personen.

De namen van deze gegijzelden vielen nauwelijks te achterhalen, omdat lijsten van deze tewerk gestelden – die wel degelijk hebben bestaan – op het eind van de oorlog zijn vernietigd, door mensen die hier kennelijk baat bij hadden. Zodoende moesten namen komen van de zeer weinig overlevenden, bekenden of buren. Na twintig jaar onderzoek zijn nu 42 namen bekend.

Van de eerst bekende groepsfoto van Joodse mannen in het werkkamp zijn inmiddels herkend:

Jozef Broekema (zittend, 2e van links)
Geboren: 16 februari 1914 in Veendam , woonde aan de Parkweg32 in Groningen. Jozef was medewerker bij het rabbinaat. Hij is de enige van de groep Joodse mannen, waarvan wij weten, dat die een geslaagde vluchtpoging uit het werkkamp heeft ondernomen. Hij is naar Londen gegaan en is daar rabbi geworden. Hij trouwde met Lies Blitz en stichtte daar een gezin. Jozef Broekema is op 31 augustus 2000 in Londen overleden.

Joël van Coevorden (zittend midden, helemaal vooraan, bijna uit beeld)
Geboren 31 januari 1901 in Groningen. Hij woonde aan de Ruiterstraat 17a in Groningen en hij was kelner van beroep. Joël was getrouwd met Schoontje van der Veen en zij hadden een dochtertje Clara, dat blind was en op een blindenschool in Haren zat. Joël van Coevorden is op 28 februari 1943 in Midden Europa vermoord, zijn vrouw Schoontje en de twaalfjarige Clara zijn op 16 april 1943 in Sobibor vermoord.

Jules van Coevorden (midden op de foto in wit overhemd, handen van zijn vader op de schouders)
Geboren 20 april 1925 in Groningen. Deze 17-jarige gymnasiast schreef een aantal brieven vanuit werkkamp Twilhaar aan zijn beste vriend en klasgenoot Peter Molendijk. De brieven zijn in 2018 boven water gekomen, toen de zoon van Peter deze achterin een boek van zijn overleden vader aantrof. Jules van Coevorden is slechts negen dagen nadat hij door de Duitsers vanuit Twilhaar is afgevoerd in Auschwitz vergast op 12 oktober 1942.

Hartog van Coevorden (de man in de overall met de Jodenster, achter Jules)
Geboren op 15 november 1896 in Groningen. Van. Hij dreef handel in dierenvellen aan de Van Starkenborghstraat 9a, Groningen. Hartog was getrouwd met Vera Goldschmidt uit Hamburg en ze hadden één zoon. Het hele gezin is op dezelfde dag, 12 oktober 1942, in Auschwitz vermoord.

Manfred Benima (man in wit shirt, derde rij van onder)
Geboren 13 mei 1924 in Bunde. Hij was 18 jaar, toen hij met zijn vader in het werkkamp terecht kwam. Hij was koopman, waarschijnlijk hielp hij zijn vader, die een zaak had in etalage- en reclameartikelen aan de Westerkade. Manfred Benima is op 28 februari 1943 vermoord in Auschwitz.

Hugo Benima (de man rechts achter Manfred en Hartog)
Geboren op 4 februari 1898 in Bunde, Duitsland. Hij was koopman in etalage-artikelen, eerst in Winschoten, later aan de Westerkade 13 in Groningen. Hij verzorgde de Hebreeuwse letters van de Joodse teksten in het gebouw van de jeugdsjoel in de Folkingedwarsstraat. Hij trouwde met Else Kamp en samen kregen ze één zoon, Manfred. Hugo Benima wordt op 5 februari 1945 in Oranienburg om het leven gebracht, zijn vrouw Else Kamp op 5 november 1942 in Auschwitz.

Max van Berg (staand vierde van rechts)
Geboren 21 mei 1912 in Groningen. Hij was een kunstenaar en poppenspeler, die café’s in Groningen bezocht om op te treden. In Twilhaar beschilderde hij prentbriefkaarten, die hij verkocht onder medekampbewoners. Hij zat samen met zijn vader in dit werkkamp. Hij is op 21 mei 1943, op zijn verjaardag, vermoord in Sobibor.

Meier Behr (helemaal bovenaan, met schop omhoog)
Geboren 17 mei 1923 Groningen, woonde op de Nieuwstad 9a in die stad. Broer van de later zeer beroemd geworden musicus Benny Behr. Meier was zelf ook musicus evenals de derde broer, Jozef Behr, die ook in Twilhaar zat. Benny Behr was gemengd gehuwd en bleef zodoende nog even verschoond van werk in de werkkampen. Meier Behr is op 7 februari 1945 in Grosz-Rosen vermoord.

Mevrouw Esther Abram-Berkelo onthulde op 2 oktober 2003, samen met burgemeester Van Overbeeke van Hellendoorn, het monument ter nagedachtenis van de joodse mannen, die in werkkamp Twilhaar hebben gezeten. Van haar kregen we ook bovenstaande foto, van haar vader en ooms, in 1942 aan het werk op de Nijverdalse hei.

Nathan Berkelo (rechts vooraan)
Geboren 12 maart 1897 in Delfzijl. Natham trouwde met Rachel van Coevorden, ze woonden aan het Gedempte Zuiderdiep 103 en kregen drie dochters: Esther (1920), Clara (1925), en Betje (1932). Hij was kelner in hotel-restaurant De Unie op de Grote Markt in Groningen.Toen joodse mensen niet meer mochten werken is hij daar ontslagen en is hij huishoudelijk werk gaan doen bij joodse mensen thuis. Rachel, Clara en Betje worden op 26 oktober in Auschwitz vergast, Nathan is 31 maart 1944 ergens in Centraal Europa vermoord. Dochter Esther overleefde de oorlog.

Philip Berkelo (uiterst links)
Geboren 1 november 1905 in Groningen. Flip, zoals hij werd genoemd, trouwde met Lientje van Dam en ze woonden aan het Gedempte Zuiderdiep 115, vlakbij zijn broer Nathan. Zij kregen een zoontje Samuel. Hij zat in de muziek (hij was drummer) en heeft de later zeer beroemd geworden Benny Behr de lichte muziek geleerd. Lientje werd 15 oktober 1942 in Auschwitz om het leven gebracht, Flip werd op 24 maart 1945, vlak voor de bevrijding, in Buchenwald vermoord.

Michael Berkelo (midden, in licht overhemd)
Geboren 2 oktober 1915 in Groningen. Michael was de jongste van de broers en woonde nog bij zijn ouders thuis aan de Nieuwstad 22. Ook Michael zat in de muziek, ook hij heeft samen met Benny Behr gespeeld, evenals in The Bolly Band, een feestband van de jongens van Bollegraaf uit de Folkingestraat. Hij speelde piano en gaf les op dat instrument. Op zijn verjaardag wordt hij uit Twilhaar gehaald en naar Westerbork getransporteerd. Hij is op 28 februari 1943 in Auschwitz vermoord.

Bram Blok (tweede van links)
Bram is geboren op 16 mei 1912 en woont aan de Coehoornsingel 34a in Groningen. Hij was koopman van beroep en zat met meerderen uit het ouderlijk gezin in Twilhaar: vader Abraham Blok (geboren 18 december 1879 in Groningen, veehandelaar) en zijn broers Isaac Blok (geboren 1912, had een slagerij aan de Nieuwstad), Mo Blok (geboren 1905, dreef een broodjeszaak in de Folkingestraat 54, en verkocht daar voor de oorlog mooie grote kadetten met pekelvlees voor een kwartje, vier voor een gulden. Het is nu een cafe), Samuel Blok (geboren 1909, melkhandelaar in de Folkingestraat 51) en Levie Blok (geboren 1919, vertegenwoordiger van beroep). Zijn vader Abraham wordt op 12 oktober 1942 in Auschwitz vermoord, tegelijk met zijn moeder Mietje Blok-Frank, zijn zus Jetje Blok en zijn zus Duifje Velleman-Blok, getrouwd met caféhouder Frederik Velleman, wonend op de Nieuwstad 4. Frederik zat ook in Twilhaar.
Bram is tegelijk met zijn broers Samuel, Levie, Mo en Isaac en diens vrouw Corrie Blok-Booij en hun 2-jarig dochtertje Mirjam, en zijn zwager Frederik Velleman op dezelfde dag, op 31 januari 1943, door de nazi’s vergast.

Issie Berkelo (handelaar in zakken), een vriend van deze familie Blok, zat eveneens in het Nijverdalse werkkamp. Niemand heeft deze man nog op foto’s uit Twilhaar herkend, maar misschien staat hij hier bij op de foto met andere leden van de familie Berkelo.

Barend Zomerplaag (rechts op de foto)
Geboren op 20 november 1897 in Amsterdam. Woonde op de Lange Bothastraat 10 (Huis) in die stad, had als beroep marktkoopman en was gehuwd met Sophia Kroonenberg (links op de foto). Ze kregen drie kinderen: Jacob (geb.1920), Salomon (geb.1922) en Betje (geb.1925).Op het eind van zijn verblijf is hij ontsnapt uit Twilhaar. De burgemeester van Hellendoorn meldde dit aan de nazi’s met de uitleg: “beehre ich mich Ihnen mitzuteilen, dasz der Jude Zoomerplaag, Barend (…) flüchtig is. Er befand sich in dem Juden-Lager in dieser Gemeinde und ist flüchtig, wegen Furcht vor Transportierung nach Polen.” Barend haastte zich terug naar huis, waar hij ontdekte dat zijn vrouw en de rest van de familie al waren weggevoerd. Hij gaf zich alsnog aan en werd 10 november 1942 vermoord. Zijn zoon Salomon werd op 31 januari 1943 in Auschwitz vermoord, zijn vrouw en dochter Betje op 24 september 1943 en zijn zoon Jacob op 1 augustus 1944.

Mau van Adelsbergen (links op de foto)
Geboren 10 december 1900 in Groningen. Vertegenwoordiger voor de kledingfabriek Santega in Groningen. Hij trouwde met Jette van Berg (rechts op de foto, gemaakt op vakantie in Limburg) en ze kregen twee zoons, Philip Max en Izak Abraham. Mau woonde met zijn gezin voor de oorlog in Haarlem. Omdat zijn ouders meer verzorging nodig hadden, zijn ze in het eerste bezettingsjaar teruggegaan naar Groningen, naar de Paterswoldseweg 1a. Toen hij vrijdag 10 juli 1942, samen met de grote groep Groningers in Nijverdal arriveerde, herkende hij een klant van hem, W. Hamming, van de plaatselijke kledingzaak aan de Grotestraat. Mau van Adelsbergen werd op 31 maart 1944 in Midden-Europa om het leven gebracht. Zijn zoontjes Philip Max (12 jaar) en Izak Abraham (9 jaar) werden op 2 november 1942 in de gaskamers van Auschwitz vermoord, zijn vrouw Jette drie dagen later.




Op deze foto van The Bolly Band, de muziekgroep van de gebroeders Bollegraaf uit de Folkingestraat, vlak voor de oorlog gemaakt, staan drie muzikanten, die in werkkamp Twilhaar terecht zijn gekomen.

Ruben Bollegraaf (de man op de saxofoon)
Geboren 16 april 1920 in Groningen. De Bollegraafs hadden een bekende tweedehands kledingzaak in de Folkingestraat 35. Ruben had op de saxofoon les gekregen van Benny Behr en had als beroep muzikant. Hij speelde op bruiloften en partijen, op feestavonden na toneeluitvoeringen en in The Bolly Band van zijn broers en zus, die allemaal in de muziek zaten. Ruben is op 30 april 1943 in Auschwitz vermoord.

Levie Bollegraaf (met stropdas, tussen accordeon- en bekkenspeler)
Geboren 17 maart 1914 in Groningen. Speelde piano en accordeon, net als zijn broer Ruben voornamelijk in en rond Groningen op partijen en feesten. Heeft met Benny Behr, toen er nog sprake was van enige bewegingsvrijheid, in 1942 in een aantal joodse werkkampen opgetreden. Hij is tegelijk met zijn broer Ruben in Auschwitz vermoord.

Bram Bollegraaf (links van de accordeonist, met stokje)
Geboren 17 mei 1915. Van de gebroeders Bollegraaf in de muziek is Bram wellicht het bekendste gezicht. Hij speelde drums in het door Benny Behr opgerichte jazzorkest The Blue Lyres. Dit befaamde orkest trad in het hele land op en behoorde op dat moment tot de top van de jazzmuziek. Bram is op 28 februari 1943 in Auschwitz in de gaskamers vermoord.


Nog meer personen Bollegraaf. De joodse mannen uit Groningen met achternamen, beginnend met een A, B of een C, kwamen in het Nijverdalse werkkamp terecht. Zodoende kon je mannen uit één gezin of uit dezelfde familie aantreffen in Twilhaar..

Simon Bollegraaf (uiterst links op de foto)
Geboren 12 juli 1910 in Groningen. Woonde op de Nieuwstad 5a bij zijn ouders. Na zijn verblijf in Twilhaar en Westerbork, kwam Simon terecht in het Extern kommando Bobrek, een westelijker gelegen subkamp van Auschwitz. Daar stond een fabriek van Siemens, waar elektronische apparaten voor vliegtuigen en U-Boten werden gefabriceerd. Simon werd hier op 28 februari 1943 vermoord.

Maurits Bollegraaf (2e van links)
Geboren 13 mei 1912 in Groningen, jongere broer van Simon, woonde ook nog bij zijn ouders. Maurits werkte destijds als procuratiehouder bij Tiktak, een koffie- en theegroothandel in Groningen. Hij was een bekende speler bij de joodse voetbalvereniging Hakoah, die in 1932 kampioen werd op de Joodse Olympiade in Antwerpen. Later trad hij op als secretaris van Hakoah. Net als Simon kwam Maurits terecht in het Extern kommando Bobrek, waar hij op dezelfde dag als zijn broer werd vermoord.

De overige personen op de foto zijn nog niet herkend.


Jacob Bollegraaf
Geboren 10 februari 1910 in Winschoten als zoon van een lompensorteerder, wordt magazijnbediende en is lid van de voetbalvereniging W.V.V. (zie lidmaatschapskaart boven). Hij trouwt op 2 juni 1938 in Groningen met Sarah Henriëtta Duitscher. Het paar woont aan de Heereweg 38 In Groningen en krijgt daar in 1940 een zoontje Leo. Ook Jacob krijgt een oproep voor de werkkampen en volgens de kaart van de Joodse Raad komt hij terecht in werkkamp Twilhaar. Jacob, Sarah en Leo worden op 23 oktober op transport gezet vanuit Westerbork. De laatste twee worden direct na aankomst, op 26 oktober 1942 in Auschwitz vermoord, Jacob op 30 juni in Blechhammer.

Izak Bollegraaf
Geboren 12 mei 1918 in Winschoten. Hij was, net als zijn vader, voddenkoopman en woonde bij zijn ouders aan de Nieuwstraat 102a in Groningen. Er bestaat een krantenartikel met het verhaal, dat Izak in Twilhaar in het geheim van bezoek uit Groningen een brood toegeschoven heeft gekregen, met daarin gebakken een brief voor zijn zus, die in Westerbork zat. Izak is net als de anderen in het Nijverdalse kamp op 2 oktober 1942 naar Westerbork getransporteerd en op 12 mei 1918 in Midden-Europa vermoord.


Joseph Gompers
Geboren 14 oktober 1901 in Gouda. Joseph, reiziger en marktkoopman, was getrouwd met Paulina Hollander (geboren 23 september 1905, Antwerpen). Het echtpaar woonde in Tilburg aan de Anna Paulownastraat 6 en had twee kinderen: Anna (geboren 29 augustus 1932 in Tilburg) en Maria (geboren 8 september 1936 in Tilburg). Voor het huis in de Anna Paulownastraat waar het gezin woonde, liggen vier Stolpersteine. Op die van Joseph (linksboven) staat vermeld, dat hij was geïnterneerd in werkkamp Twilhaar. Joseph is vermoord te Auschwitz op 28 februari 1943, zijn vrouw en zijn twee dochtertjes zijn tegelijkertijd vermoord te Sobibor op 11 juni 1943.

Joseph Behr
Geboren op 8 juni 1914 in Groningen. Woonde op de Nieuwstad 9. Hij was een broer van Benny Behr en zat eveneens in de muziek. Onder meer tijdens feesten en kermissen trad hij in café’s op als “Roedi met haar Dames- en Heerenkapelle” en deed dat, volgens de advertenties tegen “billijke condities”. Hij kreeg goede recensies in de dagbladen. Joseph zat in concentratiekamp Grosz-Rosen en heeft de oorlog overleefd maar droeg de last van de verschillende kampen zijn leven lang met zich mee. Benny Behr zei over hem: “Er is bijna niemand teruggekomen. Mijn broer, toevallig, maar die was kapot, helemaal kapot. Als je dat terugkomen noemt.” Joseph bleef ongetrouwd en bracht de laatste jaren van zijn leven door in Amersfoort, waar hij ook is overleden.

Piet Bohemen
Geboren op 22 oktober 1899 in Groningen. Zijn eigenlijke voornaam was Mozes, maar omdat hij niet aan zijn joodse naam herkend wilde worden, noemde hij zich Piet. Hij was vertegenwoordiger in Chief Whip-sigaretten en woonde in de Verlengde J.A. Feithstraat 19a. Piet Bohemen was getrouwd met Leida Velleman. Ze kregen daar twee dochters, Mirjam (een leerling-kapster) en Henderika (naaister). Na zijn verblijf in Nijverdal zat Piet in Westerbork in de barakken 59 en 55. Op 16-2-1943 is hij gedeporteerd naar Auschwitz. Hij zat in Birkenau en is daar op 31 maart 1943 vermoord. Zijn dochter Hendrika was 19 oktober 1942 al in Auschwitz om het leven gebracht. Zijn vrouw Leida en dochter Mirjam werden op 19 oktober in Auschwitz vermoord.

Bernard Aptroot
Geboren 18 maart 1893 in Hoogezand. Hij was veehandelaar van beroep en woonde aan de Professor Rankestraat 39 a in Groningen. Hij trouwde met Margaretha Martha van Delft en het paar kreeg vijf kinderen: Helena (1920, verkoopster) , Julius (1921),Heiman (1924), Alfred (1928) en Lazarus (1932). Zijn vrouw en zijn kinderen Alfred en Helena Lazarus werden met elkaar op 19 oktober 1942 vergast in Auschwitz. Zijn zoon Heiman verbleef voor de oorlog al in de psychiatrische inrichting Groot Bronswijk in Wagenborgen. Hij is van daaruit weggevoerd en op 13 maart 1943 in Sobibor vermoord. Bernard zelf werd omgebracht in Extern kommando Bobrek op 31 maart 1943. Zijn zoon Julius wachtte eenzelfde lot op 25 februari 1945


Coenraad Berkelo (links staand)
Geboren 5 september 1902 in Delfzijl, woonde op de Lingestraat 23 in Groningen. Hij was getrouwd met Grietje van Gelder en zij kregen een dochter Frouktje (1930). Coenraad was vertegenwoordiger in farmaceutische producten. Toen hij in werkkamp Twilhaar op 2 oktober 1942 werd weggeleid naar Westerbork, werden zijn vrouw en dochter een dag later opgehaald van huis: Frouktje had nog een kans gekregen onder te duiken, maar Grietje sloeg dit af, omdat zij haar dochter niet alleen achter wilde laten in Nederland. Binnen een week na aankomst in Westerbork werden ze alledrie op transport gesteld naar Auschwitz, waar Grietje en Froucktje direct na aankomst, op 12 oktober werden vergast. Coenraad werd in Auschwitz vermoord op 31 januari 1943.

Eliazer Berkelo (staand, 2e van rechts)
“E. Berkelo” staat op de achterkant van deze foto, onder de regel “ Augustus R.W.K. Twilhaar. 1942 Het zwarte jaar der Joodsche en Nederl. geschiedenis.” Hoogstwaarschijnlijk is dit Eliazer Berkelo, geboren 2 december 1908 in Groningen en groentehandelaar van beroep. Hij woonde aan de Van Heemskerckstraat 2a in Groningen, was getrouwd met Wilhelmina van Coevorden en zij hadden samen één zoon, Samuel, geboren in 1937. Zijn vrouw en 5-jarig zoontje Samuel werden tegelijk om het leven gebracht op 12 oktober in Auschwitz. Eliazer werd in datzelfde vernietigingskamp vermoord op 31 januari 1943.

Philip Broekema (staand rechts)
Geboren in Veendam op 30 december 1911. Hij was getrouwd met Hermanna de Jong en was Commissie- en agentuurhandelaar. Het echtpaar woonde aan de Wassenaerstraat 5 in Groningen en kreeg een dochter Alida (1934) en een zoon Bram (1936). Zijn vrouw en kinderen werden dezelfde dag, op 26 oktober 1942, in Auschwitz samen de dood ingejaagd, Philip werd vermoord in Grosz-Rosen op 7 februari 1945.

H. ten Brink (vooraan zittend)
Nog niet helemaal duidelijk, wie deze persoon was. Het zou Hermann ten Brink kunnen zijn, geboren in Dortmund op 31 oktober 1902, wonend in Amsterdam en poelier van beroep. Hij was getrouwd met Martha Löwenstein en samen kregen ze een dochtertje Inge. Martha en de 5-jarige Inge werden 13 november 1942 vergast in Auschwitz, Hermann werd ergens in Midden-Europa vermoord op 31 maart 1944.

H. de Vos van Coevorden (precies in het midden) stond ook al op de eerste groepsfoto in dit overzicht.

Siegbert Emanuel Braun
Geboren op 17 april 1911 In Berlijn-Charlottenburg. Hij kwam met zijn ouders Ferdinand Braun en Betty Aron als vluchteling naar Nederland en woonde in de Folkingestraat 47a en in de Van Heemskerckstraat 16a in Groningen. Ook de Groninger Siegbert werd op grond van zijn achternaam in werkkamp Twilhaar geplaatst en is via Westerbork naar Auschwitz getransporteerd en daar op 31 januari 1943 vermoord. Zijn ouders werden daar beiden vergast op 12 oktober 1942. Zijn zus Ilse dook onder, overleefde de oorlog en emigreerde naar Amerika.

Izaak van Berg
Geboren 5 april 1888 in Groningen. Hij trouwde met Louise van Coevorden en samen kregen ze zoon Mozes, die de roepnaam Max kreeg. Izaak zat in Twilhaar in barak 3, schreef hij in een brief naar huis, waarin hij verder onder andere nog meldde: “Elie komt vanavond met Coen Berkelo en Meier de Beer op thee versite vader en zoon Benima van de Westerkade dan waren onze kamer genoten van kamer 4 en hebben zoo verlangt naar ons. Gister avond hebben we 2 gasten op thee versite gehad ieder neemt zijn stoel en een kleinigheid mede en hebben we er een gezellige avond, en zoo brengen we onze vrije tijd door we moeten er maken wat er van te maken is doch het is je er wel eens mies [onderstreept] voor op sommige momenten en als die toestand maar niet te lang duurt want dan begint het te vervelen.” Izaak werd 17 dagen na zijn vertrek uit Twilhaar, op 19 oktober 1942, tegelijk met zijn vrouw Louise in Auschwitz vermoord.

Jacob van Coevorden.
Geboren 16 februari 1898 in Groningen. Hij woonde aan de Van Starkenborghstraat 9a, bij Hartog en zijn vrouw Vera en Jules van Coevorden. Ook Jacob was handelaar in huiden en vellen. Vermoord in Auschwitz op 23 oktober 1942.

Salomon Fresco
Geboren in Den Haag op 28 januari 1891. Hij woonde aan de Spoorlaan 52 in Oss en was van beroep commies. Hij was getrouwd met Antje Hes en ze hadden de dochters Rika (1922) en Rosina (1923) en een zoon Marcus (1927). Rosina Fresco werkte in een bejaardenhuis in Oss. Op 4 augustus 1944 werd ze hier gearresteerd. Rika Fresco trouwde op 5 juli 1943 in het kamp Westerbork met de diamantbewerker Benjamin Jacobs. Salomon en Antje werden vermoord in Auschwitz op 8 oktober 1942, Rika en Benjamin in Sobibor op 16 juli 1943, Marcus in Midden-Europa op 31 augustus 1943 en Rosina in Auschwitz op 6 september 1944.


Benjamin van Delft (links vooraan op de foto, in juli 1942 in een ander werkkamp dan Twilhaar gemaakt)
Geboren 25 september 1925 in Groningen. Leerling-meubelmaker, woonde aan het Deliplein 20 in Groningen.

Joel van Delft (rechts vooraan op de foto)
Geboren in Groningen op 9 september 1924. Leerling-kleermaker. Getuige de foto zaten beide broers eerder in een ander werkkamp en zijn ze overgeplaatst naar Twilhaar. Misschien zat in het Nijverdalse kamp familie dichter bij de broers. Benjamin en Joel zijn op hetzelfde moment in de gaskamers van Auschwitz vermoord, op 28 februari 1943.

Bronvermelding foto’s: 1. Historische Kring Hellendoorn Nijverdal, collectie H. de Leeuw. 2. Esther Abram-Berkelo. 3. Jos Zomerplaag. 4. Betsy Uriel. 5. Onbekend, Groninger Archieven. 6. Mevrouw A.M. Knetemann-Rosenthal. 7. Joods Groningen. 8. Stolpersteine.app 9. Mevrouw Broekema-Blitz. 10. Ben Valk<

terug